Voor de 108ste keer werd er van Milaan naar Sanremo gereden. Na 291 kilometer lag er eeuwige roem te vergaren op de Via Roma.

Vrijwel meteen na de start was de traditionele vroege vlucht al gevormd. Die was dit keer tien man sterk. Het peloton hield de touwtjes strak in handen en liet hen niet verder dan vier en een halve minuut uitlopen. Op de top van de Passo del Turchino bleven daar nog 2’15” van over. Aangezien de wedstrijd toen nog ongeveer 150 kilometer lang was en het peloton de vluchters niet te vroeg wilde inhalen, steeg de voorsprong van de leiders opnieuw. Dit keer tot boven de vijf minuten. Langs de Ligurische kust liep de weg verder tot aan de Capi waar het peloton tot op anderhalve minuut van de leiders genaderd was. In de aanloop naar de Cipressa schoof Lotto Soudal op naar de voorwacht van het peloton. Marcel Sieberg verhoogde het tempo richting de voet. Op de Cipressa werden de laatste overblijvers van de vroege vlucht ingerekend. Tim Wellens schoof vervolgens mee met een aanval. Toen het peloton op het punt stond het gaatje te dichten, versnelde de Belg opnieuw. Tevergeefs. Samen met Tony Gallopin bevond Tim zich wel mooi voorin om de afdaling aan te vatten. Gallopin waagde zijn kans in die afdaling. Hij kreeg enkele metgezellen mee, maar BORA – hansgrohe, team van Peter Sagan, dichtte de kloof. Op de Poggio duurde het tot een kilometer van de top vooraleer er een aanval geplaatst werd. Het initiatief kwam van wereldkampioen Peter Sagan. Enkel Julian Alaphilippe en Michal Kwiatkowski konden hun wagonnetje aanhaken. Het peloton zag de drie niet meer terug. In een spannende sprint werd Sagan verschalkt door Kwiatkowski. Tim Wellens was de eerste Lotto Soudal-renner die de meet overschreed. Hij deed dat als achttiende.

Tim Wellens: “We wisten op voorhand dat we niet passief mochten koersen als we een kans wilden maken. We hebben geprobeerd om de koers open te breken op de Cipressa. Ik was de eerste van onze ploeg om aan te vallen, in de hoop met een groepje weg te geraken, maar de teams van de snelle mannen hielden het tempo te hoog. In de afzink probeerde Tony weg te rijden; jammer genoeg met even weinig resultaat. Ook op de Poggio was wegrijden onmogelijk, behalve dan voor het trio dat er wel in slaagde: zij behoren tot een andere categorie. Hen had ik nooit kunnen volgen, dus daarom was het best om te anticiperen. Van mijn Italiaanse campagne onthoud ik dat Strade Bianche zeer goed verlopen is met een mooie derde plaats als resultaat. In Tirreno-Adriatico ging het iets moeizamer, maar vandaag had ik goede benen. Jammer genoeg was het door de koerssituatie heel moeilijk om daar de vruchten van te plukken. Wie weet kan ik hier een van de komende jaren wel met de besten mee.”

Marc Sergeant, sportief manager Lotto Soudal: “De jongens hebben het plan uitgevoerd zoals we op voorhand besproken hadden. Dat volstond echter niet om mee te doen voor een goed resultaat. Peter Sagan reed alweer impressionant. Hij nam quasi de hele tijd Alaphilippe en Kwiatkowski op sleeptouw omdat hij wist dat hij de sprint van het uitgedunde peloton niet zou kunnen winnen. Alle drie hebben ze de voorbije weken heel sterk gepresteerd, ze zijn eenvoudigweg de beste renners van het moment.”

“De aanloop tot de Cipressa verliep relatief rustig, maar op die klim werd een verschroeiend tempo gereden waardoor alle aanvalspogingen strandden. Tim en Tony hebben gedaan wat ze moesten. Het is weinig renners gegeven om na het verschieten van een cartouche later in de finale opnieuw een poging te wagen. Milaan-Sanremo is wellicht de moeilijkste klassieker om te winnen. Tim is onze eerste renner in de uitslag; hij werd achttiende. Daar koop je uiteraard niets mee. Vanaf de vierde plaats kom je enkel snelle mannen tegen in de uitslag. Nu is het tijd voor de kasseiklassiekers waarin we goed gewapend moeten zijn. We kijken uit naar wat komen zal.”