De 115de editie van Parijs-Roubaix was de snelste ooit met een gemiddelde van 45,204 kilometer per uur. Aan het eind van deze doldwaze wedstrijd, waarin een rol was weggelegd voor verschillende Lotto Soudal-renners, reed Greg Van Avermaet als eerste over de meet. André Greipel behaalde een mooie zevende plaats.

Velen voelden zich geroepen om deel uit te maken van de vroege vlucht, maar dat bleek een loodzware opdracht. Nadat heel wat pogingen een kort leven beschoren waren, kwam Jelle Wallays na bijna honderd kilometer wedstrijd op kop. Hij had het gezelschap van Mickaël Delage en Yannick Martinez, maar die laatste moest al snel afhaken op de eerste kasseien. De ontsnapping met Jelle was de eerste die tot vijftig seconden uitliep. De kloof schommelde echter voortdurend. Toen het verschil slechts tien seconden bedroeg, maakte Stijn Vandenbergh de sprong naar voor. In het Bos van Wallers moest Delage afhaken, nadien viel ook Vandenbergh vooraan weg. Jelle werd bijgehaald door Sylvain Chavanel.

Een versnelling van Peter Sagan tachtig kilometer voor het einde, vormde een kantelpunt in de wedstrijd. De wereldkampioen werd teruggeslagen door een lekke band, maar het gevolg van de versnelling was een nieuw kopduo: Daniel Oss en Jasper Stuyven. Jelle Wallays kwam terecht in een achtervolgende groep met André Greipel, Nikolas Maes, Jürgen Roelandts en Marcel Sieberg. Op sector 12, 55 kilometer voor het einde, versnelde Jürgen. Hij reed naar Moscon en Claeys, die eerder hadden aangevallen, en met z’n drie reden ze naar Oss en Stuyven toe. Een vijftiental kilometer verder werden de leiders bijgehaald, maar Oss plaatste meteen een soloaanval. Roelandts trok opnieuw in het offensief, dit keer met Langeveld en Stybar. Moscon, Stuyven en Van Avermaet sloten even later bij hen aan.

Met nog 25 kilometer te gaan dichtte dit zestal de kloof op Oss, hij moest vervolgens de rol lossen op de kasseien van Camphin-en-Pévèle. Op Carrefour de l’Arbre moest Jürgen een gaatje laten. Het waren uiteindelijk Langeveld, Stybar en Van Avermaet die samen het einde van de sector bereikten. De winnaar leek bij dit trio te zitten. Op de piste maakten Moscon en Stuyven nog net de aansluiting, maar de podiumplaatsen konden ze niet veroveren. Van Avermaet mocht zijn eerste kassei in ontvangst nemen. Stybar en Langeveld flankeerden de olympische kampioen op het podium, als respectievelijk tweede en derde. André Greipel werd twaalf seconden later zevende, vlak na Arnaud Démare die het sprintje voor de zesde plaats had gewonnen.

André Greipel: “Ik ben fier op mijn zevende plaats. Dertig kilometer voor de meet reed ik lek, maar ik kon terugkeren naar de grote achtervolgende groep. Ik had me anders voorbereid op deze koersen in de hoop een zo goed mogelijke prestatie neer te zetten en vandaag is dat gelukt. Sprinten na 257 kilometer, waaronder 55 kilometer over kasseien, is anders dan na 200 kilometer in een rittenkoers. We kunnen vandaag tevreden zijn over de prestatie van de ploeg. We waren met vijf renners vertegenwoordigd in de achtervolgende groep van een 35-tal man sterk. Toen Jürgen in de kopgroep reed, was dat een goede situatie voor ons. Ik hoop hier terug te kunnen komen met dezelfde ambitie en dan zien we wel waar ik kan uitkomen.”

Jürgen Roelandts: “We hebben met de ploeg de hele dag attent gekoerst. Ik voelde me goed en ben op het juiste kunnen meespringen. Ik kwam terecht in de kopgroep en dat was uiteraard een ideale situatie. Het was aan de achtervolgers om ons bij te halen. Op Carrefour de l’Arbre, op het beslissende moment, kreeg ik krampen en er viel meteen een gat. Als je alleen over Carrefour de l’Arbre moet, is het verloren. Jammer als je ziet dat deze groep sprintte voor de overwinning, maar dat is ook hun verdienste. Ik ben een beetje ontgoocheld, maar na het voorjaar dat niet optimaal was ben ik vooral blij dat het vandaag beter verlopen is. Nu volgt er een rustperiode tot mei.”