Al snel na de start van de zesde etappe in Tirreno-Adriatico, met aankomst in Civitanova Marche, ontstond de vlucht van de dag. Oorspronkelijk telde die zeven renners, maar de leiders besloten om te wachten op een achtste man. Deze rit bood een kans aan de sprinters en hun ploegen hielden de touwtjes strak in de handen. Lotto Soudal deed ook meer dan een duit in het zakje. Meer dan twee en een halve minuut voorsprong was de vluchters niet gegund. Tot het peloton halt moest houden voor een overweg. De organisatie besloot echter om de kopgroep ook te laten wachten om zo het verschil te herstellen.

In de lokale ronde in en rond Civitanova Marche lag een korte klim op het parcours. Vincenzo Nibali opende daar de debatten, anderen volgden zijn voorbeeld. De laatste vluchters werden opgeraapt door een aantal aanvallers, maar Orica-Scott dichtte het gat op drie kilometer van het eind. Tiesj Benoot en Jürgen Roelandts namen de lead-out van Jens Debusschere voor hun rekening. Hun tempo lag zo hoog dat er een scheurtje viel in het peloton. Jens kon het teamwerk jammer genoeg niet afronden, hij strandde op de vijfde plaats. Fernando Gaviria won de sprint, voor Peter Sagan.