Lotte Kopecky (21) is deze namiddag vijfde geëindigd in de Ronde van Vlaanderen voor vrouwen. Een twintigtal rensters bereikte samen de finish in Oudenaarde. De Amerikaanse Coryn Rivera won de sprint en schreef daarmee deze WorldTour-wedstrijd op haar naam.

De Ronde verliep volgens het verwachte patroon. Het was pas na de Muur dat een renster erin slaagde een significante voorsprong bij elkaar te rijden. De Nederlandse Rozanne Slik reed tot anderhalve minuut voor het peloton uit. Elise Delzenne plaatste een tegenaanval, maar het peloton liet haar niet begaan. Voor de Kanarieberg, op 35 kilometer van de meet, werd ook Slik gegrepen. De schifting in het peloton zette zich daar verder. Op de Kruisberg, de eerstvolgende helling, ontstond een kopgroep met deze vier rensters: topfavoriete Elisa Longo Borghini, Katarzyna Niewiadoma, Anna van der Breggen en Annemiek van Vleuten. Lotte Kopecky bevond zich in eerste instantie in een tweede achtervolgende groep, maar baande zich een weg naar voor.

Op de Oude Kwaremont namen Longo Borghini en van der Breggen afstand van hun twee metgezellen, maar Niewiadoma en van Vleuten sloten opnieuw aan. Na de Paterberg had het kwartet dertig seconden voorsprong op de achtervolgende groep met daarin Lotte Kopecky. Sunweb en Canyon Sram deden daar het kopwerk. Vlak bij het ingaan van de slotkilometer werden de vluchters gegrepen. Een sprint zou beslissen over de overwinning. Coryn Rivera versloeg Gracie Elvin en Chantal Blaak. Lotte Kopecky werd knap vijfde bij haar tweede deelname aan Vlaanderens Mooiste.

Lotte Kopecky: “Dit is een fantastisch gevoel. Ik had nooit gedacht dat ik nu al vijfde kon worden in de Ronde. Op voorhand had ik gezegd dat een toptienplaats een schitterend resultaat zou zijn. De voorbije wedstrijden verliepen mijn sprints niet vlekkeloos. Ik zat vaak te lang in de wind en mijn sprint was al gereden voor ik kon aanzetten. Vandaag wachtte ik af, ik koos ervoor om zo lang mogelijk in het wiel van mijn voorgangster te blijven. Toen er zich een mogelijkheid aandiende langs links om op te schuiven, heb ik dat gedaan. Het was een nipte sprint, maar ik voelde dat ik het podium net niet gehaald had en vierde of vijfde was geëindigd.”

“Ik ben heel tevreden over het koersverloop, alles viel in de plooi voor mij. Het was een vrij gesloten wedstrijd. Er werd op de eerste hellingen niet à bloc gereden. De ploeggenotes hebben me aan de hellingen en kasseistroken goed naar voor gebracht en me zoveel mogelijk uit de wind gezet. Het was pas op de Kanarieberg dat een groep kon wegrijden uit het peloton en de finale werd ingezet. Op de Kruisberg vielen vier rensters aan. Ik bevond me op dat ogenblik in de derde groep, maar ben naar de tweede groep kunnen springen. Achteraf kwamen die groepjes nog samen. Lucinda Brand deed het meeste werk in de achtervolging. Aan de voet van de Oude Kwaremont hadden we de koplopers bijna ingehaald, maar tijdens de beklimming namen ze opnieuw meer afstand. Na de Paterberg deed vooral Ellen van Dijk het kopwerk, samen met een renster van Canyon Sram. Zo is de kloof nog gedicht kunnen worden. Op een bepaald moment hadden de koplopers veertig seconden en twijfelde ik of het nog mogelijk zou zijn om het gat dicht te rijden. Toen het verschil op tien kilometer van de meet nog een halve minuut bedroeg en ik zag hoe in onze groep de achtervolging geleid werd, geloofde ik er opnieuw in.”

“Zoals gezegd mikte ik dit keer op een toptienplaats na mijn 33ste plaats van vorig jaar, maar ik besefte dat dat geen makkelijke opdracht zou zijn. Uiteindelijk ben ik vijfde geworden. De Ronde is duidelijk een wedstrijd die me ligt en ik wil hier graag eens de hoofdprijs pakken. Het is fijn om het publiek me te horen aanmoedigen, die erkenning doet deugd. Ik kom terug voor meer!”

Bij de mannen ging de zege naar Belgisch kampioen Philippe Gilbert. Hij legde de basis voor zijn overwinning op de Muur van Geraardsbergen, 95 kilometer voor het einde. Op die helling reed een vijftiental renners, waaronder Gilbert, weg uit het peloton. Zij gingen op zoek naar de vroege vluchters. Lotto Soudal had de boot gemist en was op achtervolgen aangewezen. Jens Debusschere verrichtte veel kopwerk in het peloton om de kloof te dichten. Vlak voor de tweede beklimming van de Oude Kwaremont bedroeg het verschil dertig seconden. Vervolgens viel Gilbert aan op de Kwaremont en begon hij aan een solo van meer dan vijftig kilometer die hij succesvol afrondde. Tony Gallopin en André Greipel kwamen terecht in de eerste achtervolgende groep, maar een ereplaats zat er niet meer in. Gallopin kwam uiteindelijk binnen in een groep op 53 seconden, als zeventiende. Greipel werd anderhalve minuut later twintigste.

Marc Sergeant, sportief manager Lotto Soudal: “Het was lijden met de lange ‘ij’ vandaag. Voor de start was het ons plan om op de Muur goed gepositioneerd te zitten en in het tussenstuk daarna een eerste schifting door te voeren met renners als Jens Debusschere en Jürgen Roelandts. Op de Muur was er echter al een gat geslagen en moesten we een situatie rechttrekken. Jens had toen al aangegeven dat hij zich niet zo goed voelde. Op de Kanarieberg heeft hij er wel nog alles aan gedaan om de kloof te dichten. De achtervolgende groep raakte echter ook gesplitst door een valpartij, waar Tiesj Benoot en Marcel Sieberg achter reden. Tony Gallopin reed daar ook, maar hij heeft nog de sprong naar het eerste peloton kunnen maken. Maar goed, ze zaten te ver. Op dit moment zijn we niet in staat op de explosieve hellingen mee te doen met de besten en evenmin met de beteren. Dat is een pijnlijke vaststelling. De ontgoocheling is groot. Maar de Scheldeprijs en Parijs-Roubaix komen er snel aan. We moeten de ontgoocheling verbijten en focussen op de volgende koersen.”